slapeloosheid

Slaap is van essentieel belang voor de gezondheid en dus is het voor de Nederlandse maatschappij ook belangrijk dat wij als burgers goed en voldoende slapen. Dit verhoogt de productiviteit maar ook zorgt goed slapen ervoor dat veel mensen beter en gelukkiger in het leven staan. Maar hoe goed slapen we in Nederland dan echt? Slapeloosheid, oftewel insomnia, komt in Nederland voor bij zo’n zes tot tien procent van de volwassenen. Daarbij geldt dat hoe hoger de leeftijd, hoe erger en meer frequent de klachten zijn. De cijfers zijn gebaseerd op het aantal mensen dat in Nederland met klachten bij de dokter komt en het is dus aannemelijk dat het cijfer in werkelijkheid hoger ligt.

Wat is insomnia

Insomnia of slapeloosheid, wat betekent het precies? De volgende ”klachten” worden geschaard onder dit begrip en iemand die aan een of meerdere van deze klachten lijdt heeft dus waarschijnlijk last van deze vervelende aandoening.

  • Problemen met in slaap komen of ’s nachts wakker worden en niet meer in slaap kunnen komen.
  • Het slaapgebrek als gevolg zorgt er voor dat je duidelijk minder goed functioneert.
  • Dit alles duurt drie weken en wordt niet veroorzaakt door lichamelijke klachten of door drugs- of alcoholgebruik.
  • De problematiek wordt niet veroorzaakt door andere psychologische klachten zoals stress, depressie of angst.

Slaap niet te kort of te lang

Slapeloosheid kan door zowel te kort als door te lang slapen veroorzaakt worden. Onder te kort slapen wordt minder dan 7 uur verstaan en onder te lang meer dan 9 uur. Dit kan de kans op slapeloosheidsklachten vergroten. Mensen krijgen van hun arts vaak het advies om langer te slapen, maar dit is niet altijd afdoende. De kwaliteit van slaap is vaak minstens zo belangrijk, hier zou dan ook meer aandacht besteed aan mogen worden. Beter slapen is dus minstens zo belangrijk als de duur van je slaap.

Ook erfelijkheid speelt een rol

Helaas is het zo dat er liefst 7 zogenaamde ‘risicogenen’ bestaan voor slapeloosheid. In de zomer van 2017 werden deze geïdentificeerd door professor Eus van Someren van het Nederlands Herseninstituut in Amsterdam, in samenwerking met een groep genetici. Personen die in of rond deze genen specifieke DNA-varianten heeft loopt automatisch een groter risico op slapeloosheid en bijbehorende klachten. De erfelijke invloed blijkt bij vrouwen groter dan bij mannen. Dit komt door de regeling van de hormoonhuishouding die sterk verschilt tussen de twee verschillende geslachten. Van Someren zegt hier het volgende over: ”Voor vrouwen geldt dat de overgang een periode van erg beroerde nachtrust met zich kan meebrengen. Daar is nog veel te weinig aandacht voor.”

Kortom, slaap is belangrijk en met name de kwaliteit van slaap verdient meer aandacht. Ondanks dat erfelijkheid een rol speelt bij de mogelijke klachten van slapeloosheid is het dus verstandig om er zoveel mogelijk aan te doen om de kwaliteit van je slaap te verbeteren. Hiervoor zijn verschillende producten op de markt waaronder melatonine. Dit is een lichaamseigen stof die een positief effect heeft op rust en slaap. Sommige mensen hebben moeite om deze stof aan te maken of de afgifte aan de hersenen volstaat niet waardoor een supplement nuttig kan zijn.